Dubbele woonlasten betaalt u als u al in een nieuwe woning woont, of die al op uw naam staat, terwijl uw oude woning nog niet verkocht en overgedragen is. U heeft dan twee hypotheken en twee keer vaste lasten. U voorkomt dat het makkelijkst door de overdrachtsdatums van beide woningen op elkaar af te stemmen; lukt dat niet, dan vangt u de periode op met spaargeld, inkomen of een overbruggingskrediet, en krijgt u in 2026 een deel van de rente terug via de belasting.
Wat u dubbel betaalt
Het grootste deel is de hypotheek. Op de oude woning loopt uw lening door tot de dag dat de koper bij de notaris tekent, en op de nieuwe woning betaalt u vanaf de overdracht rente en eventueel aflossing. Heeft u een overbruggingskrediet, dan komt daar nog rente op die lening bij.
Daarnaast lopen de vaste lasten van de oude woning door: gemeentelijke belastingen, de opstalverzekering, een VvE-bijdrage als u in een appartement woonde, en energie en water zolang de aansluiting op uw naam staat. Die bedragen zijn per woning verschillend. Zet ze op een rij voordat u een koopbod uitbrengt, zodat u weet wat één maand dubbel u kost.
Dubbele lasten voorkomen
De zekerste manier is eerst verkopen en dan pas kopen. U weet dan wat uw woning opbrengt en hoeveel overwaarde u heeft. Het nadeel is dat u misschien een tijd ergens anders moet wonen, als de nieuwe woning er niet op tijd is.
Koopt u eerst, dan bepaalt vooral de overdrachtsdatum hoe lang u dubbel betaalt. Bij de verkoop van uw oude woning en bij de aankoop van de nieuwe spreekt u allebei een datum af. Hoe dichter die bij elkaar liggen, hoe korter de periode met dubbele lasten. Dat regelt u in de onderhandeling, dus bespreek het vroeg met uw makelaar.
Bij nieuwbouw ligt het anders. Daar staat de opleverdatum vaak nog niet precies vast, en betaalt u tijdens de bouw al rente over het deel van de lening dat de aannemer heeft ontvangen. Dan is het lastiger om de verkoop van uw oude woning precies op de oplevering te laten aansluiten.
Wat de geldverstrekker toetst
Voor de nieuwe hypotheek kijkt de geldverstrekker of u de lasten kunt dragen. De lasten van de hypotheek op uw nog niet verkochte woning mag hij daarbij buiten beschouwing laten, inclusief de kosten van een overbruggingskrediet. Voorwaarde is dat aannemelijk is dat u beide hypotheken kunt blijven betalen gedurende een periode die de geldverstrekker redelijk vindt. Dat staat in artikel 4, zesde lid, van de Tijdelijke regeling hypothecair krediet (stand 2026).
In de praktijk wil de geldverstrekker dus zien hoe u een aantal maanden dubbele lasten opvangt, met uw inkomen of met spaargeld. Hoeveel maanden hij aanhoudt, verschilt per geldverstrekker.
Renteaftrek voor twee woningen in 2026
De Belastingdienst laat u in deze periode op beide woningen rente aftrekken, onder voorwaarden.
Voor uw oude woning mag u de rente blijven aftrekken in het jaar van de verhuizing en de drie jaren daarna. De woning moet dan leeg staan, te koop staan en niet verhuurd worden, en ze moet in het jaar van de verhuizing of de drie jaren daarvoor uw hoofdverblijf zijn geweest.
Voor de nieuwe woning mag u de rente al aftrekken voordat u er woont, als die leeg staat of in aanbouw is en u er in dat jaar of binnen drie jaar gaat wonen. Ook de rente op een overbruggingskrediet is aftrekbaar, voor de maximale looptijd van dat krediet.
Verhuurt u de oude woning tijdelijk, dan verliest u de aftrek voor die woning zolang de verhuur loopt. De woning valt dan met de schuld in box 3. Stopt de verhuur binnen de driejaarstermijn, dan mag u de rente daarna weer aftrekken.
De dubbele lasten betaalt u wel eerst zelf. Met een voorlopige aanslag krijgt u de aftrek per maand terug in plaats van pas na de aangifte. Verandert uw hypotheekrente door de verhuizing, dan past u het bedrag in uw voorlopige aanslag aan.
Een voorbeeld uit Almere
Het voorbeeld is indicatief en gaat uit van de regels voor 2026. De bedragen zijn aannames.
Een gezin woont in een eengezinswoning in Almere Haven en koopt een grotere woning in Almere Poort. De sleutel van de nieuwe woning krijgen zij op 1 april. Hun oude woning is verkocht, maar de koper wil pas op 1 juli overdragen.
Stel dat de hypotheek op de oude woning hen € 1.000 bruto per maand kost en dat de vaste lasten van die woning € 250 per maand zijn. Drie maanden dubbel betekent dan € 3.750 aan extra lasten, bovenop de lasten van de nieuwe woning. Dat bedrag betalen zij uit inkomen of spaargeld. Een deel van de rente krijgen zij via de voorlopige aanslag terug, omdat beide woningen in deze periode aan de voorwaarden voor aftrek voldoen.
Was de oude woning nog niet verkocht geweest, dan had het gezin niet geweten hoe lang de dubbele lasten zouden duren. De rente van de oude woning blijft dan aftrekbaar tot uiterlijk 31 december 2029, zolang die leeg en te koop staat, maar de lasten zelf lopen ook door tot de verkoop.
Overbruggen met spaargeld of een krediet
Kunt u de dubbele lasten een paar maanden uit spaargeld betalen, dan is dat vaak het eenvoudigst. Heeft u de overwaarde van uw oude woning nodig om de nieuwe te kunnen kopen, dan komt een overbruggingskrediet in beeld. Hoe dat werkt en wat het kost, leest u in Overbruggingskrediet: wanneer heeft u het nodig en wat kost het?
Neemt u uw huidige hypotheek mee naar de nieuwe woning, lees dan ook Uw hypotheek meenemen naar een nieuwe woning. Op onze pagina voor doorstromers leest u meer over verhuizen naar een volgende woning, en op de pagina hypotheekadviseur in Almere hoe wij werken.
Gaat u verhuizen en wilt u weten hoe lang u dubbele lasten aankunt? Plan een gratis kennismakingsgesprek op ons kantoor aan de Schoutstraat in Almere. Dan rekenen we het met uw eigen cijfers door.
